Vergroening van het platteland

Trees for All werkt aan de vergroening van het platteland! Dat doen we door landschapselementen aan te leggen, zoals heggen, rijen met bomen of houtsingels. Zo versterken we de unieke Nederlandse landschappen én de leefomgeving van talloze planten en dieren. Plant je een boompje mee?

Status: Actueel project

Aanplant van bomen en heggen in het landelijk gebied

Trees for All maakt het platteland weer groen! Dat doen we door landschapselementen te planten. Dit zijn de structuren in een landschap, zoals heggen, bomenrijen, houtsingels of bosjes.

Landschapselementen geven elk landschap een uniek karakter. Zo staat het veenweidegebied in het Groene Hart bekend om de elzensingels en knotwilgen die er groeien. En op de zandgronden in Brabant en Overijssel kom je veel houtwallen en lanen tegen.

Al die bomen en struiken zijn ook nog eens het leefgebied van talloze planten en dieren. Ze dragen bij aan een gezonde bodem, nemen CO2 op en bevorderen milieuvriendelijke landbouw. Maar helaas zijn de afgelopen jaren veel landschapselementen verdwenen door schaalvergroting van de landbouw. Daarom zet Trees for All zich in voor het herstel van dit groen op het platteland. Plant je mee?

Plant mee in onze bosprojecten

  • Voer een aantal in
  • Voer een aantal in
  • Voer een aantal in
  • Voer een aantal in

Waarom willen wij het platteland vergroenen?

De afgelopen jaren zijn veel landschapselementen in het landelijk gebied verdwenen. Vroeger werden houtsingels bijvoorbeeld gebruikt om percelen van elkaar te scheiden of om vee in de wei te houden. Maar door de uitvinding van prikkeldraad, de uitbreiding van steden en schaalvergroting van de landbouw, zijn veel landschapselementen verloren gegaan.

In de afgelopen eeuw is alleen al 225 miljoen meter aan heggen verdwenen. Dat is niet alleen zonde voor de herkenbaarheid en de beleving van een landschap, maar ook een probleem voor alle planten en dieren die hierdoor hun leefgebied verliezen. Bovendien gaat de kwaliteit van de lucht en de bodem flink achteruit. En ook droogte ligt op de loer.

Daarom zet Trees for All zich in voor de aanleg van landschapselementen. Door de aanleg van bomen en heggen maken we het platteland weer groen!

landschap-utrecht

Waarom we niet zonder landschapselementen kunnen

Landschapselementen hebben allerlei belangrijke functies voor onze natuur en leefomgeving. Een paar voorbeelden:

1. Ze zorgen voor meer biodiversiteit

Landschapselementen verbinden natuurgebieden met elkaar. Ze vormen een soort brug, waardoor planten en dieren zich makkelijk en veilig van het ene naar het andere gebied kunnen verplaatsen. Bomen en heggen zijn voor vogels, insecten en zoogdieren een veilige plek om te schuilen. Ook vinden ze hier hun voedsel en ruimte om zich voort voortplanten. Verder kunnen planten, mossen en paddenstoelen perfect groeien rondom landschapselementen. Zij trekken op hun beurt weer andere dieren aan. Zo krijgt de biodiversiteit een flinke boost!

grasmus-berk
hommel
veldmuis
Hazelaar

2. Ze dragen bij aan een gezonde bodem

Hoe gezonder de bodem, hoe meer planten, dieren en bomen in een gebied kunnen (over)leven. En aan die gezonde bodem dragen landschapselementen bij. Door de sterke wortels van de bomen en struiken kan regenwater goed in de bodem trekken. Daardoor neemt de kans op erosie af. Bovendien voelen micro-organismen zoals bacteriën en schimmels zich thuis in een gezonde bodem. Daardoor kan de bodem meer water opslaan en het grondwater aanvullen. En zo’n gezonde bodem is weer de basis voor een vitaal landschap.

3. Ze nemen CO2 op

Bomen slaan boven én onder de grond CO2 op. Landschapselementen, zoals bosjes, bomenrijen en heggen dragen dus bij aan de opname van CO2. Daarnaast vangen ze ook nog fijnstof en stikstof af van het verkeer, de industrie en de landbouw. Win-win-win!

bomenrijen-houtsingels
wilg
Nederlands landschap

4. Ze bevorderen milieuvriendelijke landbouw

Ook voor de landbouw hebben landschapselementen voordelen. De bomen en struiken dragen bij aan een gezonde en vruchtbare bodem waar boeren gewassen kunnen verbouwen. Bovendien trekken landschapselementen insecten aan, die de bestuiving van bloemen, planten en bomen stimuleren. En dat zorgt ervoor dat landbouwgewassen, zoals fruit, sla of kool beter kunnen groeien. Wist je trouwens dat sommige dieren ziektes en plagen op een natuurlijke manier bestrijden? Vleermuizen, sluipwespen en vogels bijvoorbeeld, eten de eikenprocessierups. Dat betekent dat boeren minder gewasbeschermingsmiddelen nodig. Beter voor de portemonnee van de boer én voor het klimaat!

5. Ze zorgen voor een gezonde en karakteristieke leefomgeving

Een groene leefomgeving is prettig voor mens én dier. Bomen zorgen immers voor zuurstof, schone lucht en schaduw op hete dagen. Daarnaast maken landschapselementen een landschap tot wat het is: van de Limburgse heuvels tot de duinen aan de kust. Verliezen we deze elementen? Dan gaat niet alleen een hoop historie, maar ook een prettige leefomgeving voor bewoners, toeristen en dieren verloren.

Welke bomen planten we?

Landschapselementen bestaan uit verschillende boom- en struiksoorten. Welke bomen we planten, hangt af van de plantlocatie. We kijken bijvoorbeeld nauwkeurig naar de grondsoort, het waterpeil en de ligging in het landschap.

Wat vaststaat, is dat we kiezen voor inheemse en streekeigen bomen en struiken: soorten die thuishoren op die specifieke plek. Daarnaast speelt de functie van de bomen en struiken een rol. Is het nodig om vee in de wei te houden? Dan planten we stekelige struiken, zoals meidoorn, sleedoorn en hondsroos. Willen we percelen van elkaar scheiden? Dan liggen houtsingels voor de hand met soorten als de hazelaar, eik, lijsterbes, berk, sleedoorn, kornoelje en kardinaalsmuts.

Plant mee
meidoorn
liguster
eik

3 voorbeelden van landschapselementen in Nederland

1. Houtsingels (ook wel: houtwallen)

Houtsingels zijn langgerekte stroken met bomen en struiken. Het zijn de voorlopers van prikkeldraad, die vroeger veel gebruikt werden door boeren gebruikt om hun vee binnen het terrein te houden of om af en toe hout te oogsten.

Nog steeds hebben houtsingels een belangrijke functie: ze geven beschutting aan vee en allerlei vogels bouwen er hun nest. In Twente vind je maar liefst zesduizend kilometer aan dichtbegroeide houtsingels! Met nieuwe aanplant kunnen we dit kleinschalige landschap ook op andere plekken versterken en verbinden.

houtsingels

2. Bomenrijen (ook wel: bomenlanen)

De naam zegt het eigenlijk al: bomenrijen zijn groepen of rijen met één of meer soorten inheemse loofbomen. Zo’n rij is minimaal enkele tientallen meters lang. Bomenrijen komen in heel Nederland voor, in allerlei vormen. Op de zandgronden vind je ze vooral langs paden en percelen. En in het zeekleigebied groeien ze vaak op de dijken en langs (water)wegen.

Niet alleen voor het landschap spelen ze een belangrijke rol: ook planten en dieren profiteren ervan. Voor vogels zijn bomenrijen een broedplek en voor onder andere vleermuizen oriëntatielijnen om van het ene in het andere gebied te komen en te jagen. Holtes in oude bomen zijn belangrijk voor spechten en boommarters, en de stam is vaak begroeid met mossen en paddenstoelen.

bomenrij-knotwilgen

3. Heggen (struwelen)

Heggen zijn aaneengesloten lijnvormige elementen met inheemse bomen of struiken. Net als houtsingels werden ze vroeger veel gebruikt om percelen te scheiden. Daarnaast werden de heggen met doornen (zoals meidoorn) gebruikt om het vee in de wei te houden.

Door de komst van prikkeldraad rond 1900 zijn veel heggen verdwenen. Je vindt ze nu vooral nog rondom dorpen en boerderijen. Voor dieren zijn de niet alleen een prettig leefgebied met voedsel, maar ook een beschutte schuilplek.

Beeld: Heggenlandschap bij Gietelo, door Marcel Post

heggenlandschap

Waar planten we?

We planten de landschapselementen door heel Nederland, zoals in Friesland. Dit doen we op erven, aan de randen van landbouwpercelen of langs wegen en sloten. Daarnaast krijgen ze een plek op hoekjes die ‘over’ zijn. Denk daarbij aan kleine plekken op percelen die slecht bereikbaar of erg nat zijn.

De aanplant gebeurt in nauwe samenwerking met de grondeigenaren. Denk daarbij aan natuurbeheerorganisaties, overheden en particulieren. We maken afspraken met hen over het duurzame beheer en de instandhouding van de elementen. De partners zorgen voor de praktische uitvoering hiervan.